Poëzieblog

Op deze pagina zal ik nu en dan gedichten plaatsen die ik heb gebruikt tijdens yogaconcerten. De poëzie is een mengsel van vertrouwde namen, zoals de oude mystieke dichters Rumi en Hafiz, recenter werk van spirituele giganten zoals Kahlil Ghibran, Mary Oliver en Thich Nhat Hanh, maar ook 'conventionele' poëzie, die een publiek kreeg buiten de spirituele niche, maar duidelijk door mystieke inzichten beïnvloed is, zoals bekende Nederlandse dichters als Lucebert, Vasalis en Rutger Kopland, of internationaal aansprekende auteurs als Eric Fried, Maya Angelou, Charles Bukowski en Rainer Maria Rilke.
     De voordrachten tijdens de yogaconcerten zijn tweetalig, waardoor ik vaak vertalingen maak vanuit Nederlands naar Engels en terug. Soms gebruik ik eigen werk, of ver- en hertalingen van andere dichters, zoals Rumi of Elias Amidon (zie de 'over'-pagina voor meer hierover). Dit blog is voornamelijk in het Nederlands, maar de poëzie is meestal tweetalig, zodat hieronder of op de Engelstalige pagina van deze site een Engelse versie te vinden is.

  • Alles
  • Rumi
  • Amidon
  • Eigen werk
  • Overig

Dit is geen poëzie-blog

De illusie is dat je door een website over yogaconcerten scrolt. De realiteit is een vuur dat likt langs een blok hout. Een luipaard die geduldig in de bosjes bij de drinkplaats wacht. Een groene knop die in de koude aarde omhoog duwt. Dit is meer dan een poëzie-blog. Het yogaconcert komt naar jou. Jij bent de muziek die bonkt. Het op en neer gaan van je buik. De kriebel in je gezicht. Jij bent het dwalen in gedachten en het verder lezen. Er is alleen maar vurig leven.
     In januari komt na drie vruchtbare jaren en in totaal vijftig yogaconcerten een einde aan de zaterdagse sessies in de Jungle. Ik ben een schat aan ervaringen, poëzie, muzikale en menselijke verbindingen rijker. Met kippenvel een gedicht voordragen, de stilte door de klanken horen, voelen dat er gezamenlijk iets gebeurt: er is geen ophouden aan. In het nieuwe jaar ga ik op zoek naar een nieuwe locatie. Het volgende yogaconcert wacht op je in de bosjes.

Gedicht: Charles Bukowski
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Een stomverbaasd zwijgen

Wanneer ik een yogaconcert voorbereid, is het altijd een mooie uitdaging om een gedicht te kiezen dat past bij de muzikant die optreedt. Voor het eerste optreden van Mola Sylla had ik de veilige weg gekozen: An African Elegy van Ben Okri. De tweede keer kwam ik op iets heel anders uit: de rauwe donkerte van Dylan Thomas, die ergens leek te rijmen met Mola’s Senegalese blues.
     Tijdens het yogaconcert gebruikte ik een van mijn favoriete meditaties om deze kracht te verkennen – een kracht die tegelijk creatief en destructief is, die dood en leven, jeugd en ouderdom beweegt. In de mystiek heet deze kracht bewustzijn: al onze gewaarwordingen (percepties, gedachten, lichamelijke sensaties) vinden plaats in en door het bewustzijn. Wanneer we onze aandacht vrij laten (de meditatie), gaan we midden in deze stroom staan, die steeds naar een nieuwe plek beweegt, ieder moment vernietigt in het volgende, zoals dagen, seizoenen en generaties elkaar opvolgen in een voortdurende cyclus. Op onze yogamatjes verstilden we en kwamen we houding na houding dieper in de stroom: we zwegen stomverbaasd naar die kracht van het leven.
     Molla begon te spelen op een klein Afrikaans gitaartje, en omdat hij zo’n geweldige stem heeft, verwachtte ik dat hij die tijdens de tweede houding in zou zetten, maar hij bleef dezelfde eenvoudige akkoorden spelen, ook tijdens de derde houding, toen ik het gedicht van Thomas voordroeg, en de houdingen daarna, zo lang dat het hypnotiserend begon te werken, alsof hij ter plekke de Afrikaanse Canto Ostinato bedacht, om pas in de laatste, de allerlaatste houding te gaan zingen – en toen had hij de spanning zo goed opgebouwd dat iedereen in die liggende vlinder openbrak van zijn stem.
     En we zwegen stomverbaasd naar onze yogamat; hoe muziek en poëzie uit dezelfde bron ontspringt.

Gedicht: Dylan Thomas
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Hier heerst het moment

Wisława Szymborska is een van die zeldzame dichters die in ogenschijnlijk eenvoudige en lichte taal de diepte van het leven weet te raken. Zoals in dit gedicht over vogels 'in de rol van vogels' en het moment dat heerst 'zo ver het oog reikt'. Wonderschoon is haar poëzie, die altijd is geschreven vanuit verwondering, over de schoonheid evengoed als over de bruutheid van het leven.
     Haar poëzie stond centraal in een bijzonder yogaconcert met Couple Positive. Ania Brzezinska zong haar poëzie in het Engels en Pools, haar moedertaal, en ik droeg twee gedichten in het Nederlands voor, om de les daar omheen te bouwen: een yogaconcert over verwondering.

Gedicht: Wisława Szymborska
Vertaling: Gerard Rasch
Foto: Roberto Gemin
Voor de literaire nalatenschap van Wisława Szymborska wordt zorg gedragen door de Wisława Szymborska Foundation.

Onaangeraakt en nog mogelijk

De duif roept naar het zwijgen van de ochtend dat een nieuwe dag, een nieuw jaar staat te beginnen. Daarom op deze plek een kleine overdenking - zoals dat hoort rond de Kerstdagen.
     Vorige week vloog ik op mijn fietsje in de Damstraat tegen de openzwaaiende deur van een bestelbusje op. Ik kwam er goed vanaf: niks gebroken en mijn hoofd en organen bleven heel. Wel kneuzingen aan schouder, onderrug en bovenbeen, waardoor ik de eerste dagen niet kon lopen en mijn rechterarm niet kon gebruiken. Sindsdien doe ik yin yoga met mijn kneuzingen. Bij het buigen van mijn arm, rug en vooral mijn been zoek ik het punt op waar de pijn net iets scherper wordt, blijf daar een tijdje, en buig dan een beetje dieper. Weer blijf ik een halve minuut op deze plek: ik voel de bindweefsels steeds verder ontspannen. Na een aantal dagen kan ik langzaam op mijn knieën gaan zitten, onder zacht protest van de harde bonk in mijn bovenbeen.
     Ontspannen kun je niet doen, het is een ‘ontdoen’. De sleutel is aandacht. Steeds hou ik die bij de pijn in mijn bovenbeen, die als ik dichterbij kom geen pijn meer is maar kleine prikkels, warme golfjes of een zacht geklop. Mijn aandacht zorgt ervoor dat de zere plek kalmeert.
      Zo is het ook met onze emoties. Wanneer we ons verdrietig of alleen voelen, dan is het verleidelijk om daar van weg te gaan, zoals we ook liever weggaan van het zeer in ons lichaam. Dan projecteren we iets in onze buitenwereld waar onze aandacht naartoe kan. In het verkeer worden we boos op anderen, om niet onze eigen kwetsbaarheid te voelen. Yin yoga is dus ook een oefening om bij ons gevoel te blijven.
      Zou dit patroon ook de sleutel kunnen zijn om onze wereldpolitiek te begrijpen? We moeten ons op oorlog voorbereiden, klonk het afgelopen week. We bewapenen ons en wijzen in onze buitenwereld naar de boosdoeners. Of we die nu Rusland noemen, Israël of Hamas. Zou de sleutel ook hier liggen in aandacht voor de collectieve trauma’s, die zichtbaar zijn in deze conflicten?
      De Amerikaanse dichteres Maya Angelou schreef er de volgende woorden over, in het gedicht On the pulse of morning, dat ik komend voorjaar zal gebruiken voor een yogaconcert:
De geschiedenis kan
ondanks haar hartverscheurende pijn
niet ongeleefd worden
maar hoeft
met moed onder ogen gekomen
niet opnieuw geleefd te worden.

Sla je ogen op, nu de dag voor je aanbreekt.
Breng de droom opnieuw ter wereld.
neem hem in de palm van je handen
giet hem in de mal van je meest persoonlijke nood
boetseer hem naar het beeld van je meest publieke zelf
verhef je harten
elk nieuw uur brengt nieuwe kansen op een nieuw begin.

Op de yogamat kunnen we leren om bij onze meest persoonlijke nood te blijven, om hem, soepel en ontspannen, te boetseren naar het beeld van ons meest publieke zelf.

Gedicht: W.S. Merwin
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Roberto Gemin

De magie die door ons lichaam kruist

Omdat ik zijn gedichten graag gebruik voor mijn yogaconcerten, ben ik me meer gaan verdiepen in het werk van de legendarische Boheemse dichter Rainer Maria Rilke. Zelfs stukken uit zijn brieven worden nogal eens als gedichten opgevoerd, omdat zijn zinnen zo poëtisch klinken. Gun de dingen hun ontwikkeling, schreef hij in een brief aan een jonge dichter:

Heb geduld met wat
onopgelost is in het hart,
probeer de vragen
lief te hebben als gesloten ruimtes,
als in een vreemde taal geschreven boeken.

Het gaat erom alles te leven.
Als je de vragen leeft, zul je
misschien stilaan, zonder het te merken
op een vreemde dag
de antwoorden naar binnen leven.

De officiële gedichten van Rilke zijn strakker van vorm (en ook moeilijker te vertalen). In het gedicht hierboven is het of hij de bedoeling van de yogaconcerten beschrijft. Het komt uit zijn bundel 'Sonetten aan Orpheus'. Orpheus is een muzikant, dichter en profeet uit de Griekse mythologie, vooral bekend uit het liefdesverhaal met Eurydice. Met de 'stille vriend' in de eerste regel bedoelde Rilke misschien Orpheus, en richt hij zich daarmee tot de lezer. ‘Voel hoe je adem alles ruimer maakt,’ luidt de volgende regel, die ik letterlijk tijdens de yogales kan overnemen. De ademhaling gebruik ik graag als ingang, het brengt heel direct lucht en ruimte in onze ervaring.
     De houdingen van yin yoga duren lang en dat is intens. Het brengt ons in ‘het donker van de klokkentoren’. Rilke stelt voor om ons te ‘laten luiden’: ons diepste binnenste aan het licht brengen. Juist dat wat ons het meest raakt, kan ons sterken.
     Dat doet me denken aan een periode tijdens de covid-lockdowns waarin ik veel thuis was en nauwelijks iemand zag. Ik voelde me alleen. Zoals Rilke voorstelt, besloot ik dat gevoel in mijn lichaam op te zoeken. Hoe voelt eenzaamheid daar? Ergens in mijn borst zat iets vast. Het voelde als verdriet. Ik ging er met mijn aandacht nog dichter naar toe, net zo lang tot het was alsof ik er middenin zat. En toen gebeurde er iets verrassends. Ik barstte opeens van de energie. Wat van de buitenkant voelde als eenzaamheid en verdriet, werd, als ik door alle weerstand ging en me eraan overgaf, precies wat Rilke zei: mijn kracht.
     Op dezelfde wijze kun je op de yogamat leren ontspannen temidden van intense fysieke sensaties. ‘Ga door deze transformatie, uit en in,’ schrijft Rilke. En daarbij komen we al onze patronen tegen om weg te lopen van wat we voelen. We geven andere dingen de schuld (de brommende koelkast is daar in de Jungle heel geschikt voor), we moeten opeens naar de wc of vinden andere vormen van afleiding. Er zijn ook hulptroepen: de ademhaling bijvoorbeeld, en de muziek kan helpen om ‘dieper’ te gaan, zoals sommigen na afloop zeggen: om dichter te komen en te blijven bij wat je voelt. En ook Rilke stuurt ons daarheen. ‘Wat is je schrijnendste ervaring?’ vraagt hij. Om ons dan aan te raden zo dichtbij de bitterheid te komen, dat je de wijn zelf wordt. Had ik het zelf niet ervaren, dan had ik niet begrepen wat hij daarmee bedoelt.
     De yogaconcerten zijn dus als ‘nachten’ waarin de magie door ons lichaam kruist en we onszelf ontmoeten. En dan komt Rilke bij die laatste magistrale regels, die de paradox van de mystiek zo poëtisch treffen. Aan de ene kant zijn wij als levende wezens voortdurend in beweging, ons bewustzijn is een rivier die stroomt. Tijdens de yogaconcerten doen we vaak een oefening om onze aandacht ‘vrij te laten’ en nieuwsgierig te zijn waar die naartoe beweegt. Aan de andere kant is er iets dat volledig stil is en altijd hetzelfde. In al onze ervaringen zijn we ‘aanwezig’. Dit ‘bewust zijn’ is als de bedding van de rivier. De yogaconcerten zijn een manier om in deze ‘stilte’ of ‘leegte’ te komen, waarin je ‘alleen maar bent’.
     En als de wereld je vergeet, schreef Rilke:

spreek tot de stille aarde: hier stroom ik, en
tot het razendsnelle water, zeg: ik ben.

Misschien kan ons verstand niet echt begrijpen wat Rilke hier bedoelt. Maar in de yogaconcerten kunnen we zijn poëzie ‘doen’. En misschien zullen we dan ontdekken dat onze vragen langzaam verdwijnen en we stilaan de antwoorden gaan leven.

Gedicht: Rainer Maria Rilke, Sonnetten aan Orpheus
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Roberto Gemin

De wijsheid van de schemering 🦋

Deze maand kreeg ik zowaar de kans om zelf te ervaren wat de combinatie van yoga en live muziek kan doen, tijdens een repetitie met het Genetic Choir. Al organiseer ik sinds ruim een jaar yogaconcerten, zelf heb ik er nog nooit een als bezoeker kunnen bijwonen. Nu speelde ik niet alleen voor yogaleraar, maar ging ik ook als leerling in de houdingen liggen.
     Eerlijk gezegd wist ik niet of het zou werken: een yogaconcert met een koor dat improviseert. Maar na de eerste tonen, liggend in de 'rupshouding', wist ik al: hier kan een mooie vlinder uit geboren worden. Of het nu Gregoriaans gezang is of Afrikaanse call & response, de samenklank van stemmen raakt binnenin een snaar. Gaandeweg de repetitie kwam ik 'diep in trage tijd', zoals het gedicht van de Ierse dichter John O'Donohue zegt: de kalme 'stilte van gesteente' nam me over. Op het ritme van de ademhaling voelde ik een ontspanning die samenging met de koorzang. Daar doorheen prikten sensaties in mijn lichaam, en het was net of die uitgedrukt werden door de solostemmen, die zich door het koor heen weefden. Het samenspel tussen harmonie en dissonante stemmen die oproer kraaiden, maakte het luisteren een emotionele ervaring. Het koor voelde als een warm bad, dat de scherpe randjes in mijn lichaam wist te verzachten door er muzikaal vorm aan te geven.
     Neem je toevlucht tot je zinnen, schrijft het gedicht voor. Het koor leerde mij op een andere manier naar mijn lichaam te luisteren. Met de wijsheid van de schemering onder mijn arm verliet ik de repetitieruimte. Volgende maand komt de vlinder uit de cocon!

Gedicht: John O'Donohue
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Hana'a Abd-Alraziq Aj

Het volledige gedicht is opgenomen in de bundel Benedictus, beschikbaar via de officiële website die zorgdraagt voor zijn erfgoed: johnodonohue.com.

Een lege plek om te blijven

Ik kwam dit gedicht van Rutger Kopland tegen toen ik door zijn verzameld werk bladerde, aangespoord doordat zangeres Krystl over leegte zingt. 'Waar ik sta,' zingt ze in haar liedje Wandel naar mezelf, 'geef ik me over aan de leegte.' Voor het yogaconcert met Krystl zocht ik in eerste instantie die andere, beroemde regels van Kopland:
Ga nu maar liggen liefste in de tuin,
de lege plekken in het hoge gras, ik heb
altijd gewild dat ik dat was, een lege
plek voor iemand, om te blijven.
Dat is poëzie: het is mooi, zonder dat je weet waarom precies, of wat het te betekenen heeft, een lege plek voor iemand te zijn. En dan blijkt deze leegte je ook nog te kunnen binnendringen en vervullen, zoals het andere gedicht van Kopland zegt. Wat is die leegte, waar ook Krystl zich aan over wil geven?
     In de mystiek is leegte een codewoord voor bewustzijn. Ons bewustzijn is als een lege kamer, die zelf geen ruimte inneemt, waardoor je er alles in kwijt kunt. Bewustzijn heeft geen dimensies of objectieve kwaliteiten, het is er gewoon altijd - al onze ervaringen kunnen zich juist daardoor voordoen in dit ongrijpbare 'bewust zijn'. De aantrekkingskracht van deze leegte is dat daar vrede is met alles - zoals een lege ruimte geen conflict heeft met de spullen die je er neerzet. Ons verstand kan dat niet vatten, omdat het dingen begrijpt door ze van elkaar te onderscheiden. Een oneindige leegte is onvoorstelbaar.
     Wat mij enthousiast maakt over de yogaconcerten, is dat we de poëzie van Kopland en de songtekst van Krystl niet bespreken of uitleggen: we gaan het doen. We gaan op ons yogamatje liggen alsof het een lege plek in het gras is. En we laten het gebeuren, we verdwijnen langzaam uit onze gedachten, we gaan vergeten, laten ons vullen met leegte, geven ons over aan het leven. En misschien denken we dan wel dat we alles zijn dat we horen.

Gedicht: Rutger Kopland
Foto: Moira van Damme

Wat je het liefste wil

Wanneer we ons geluk in deze wereld zoeken - of dat nu materiële zaken zijn of immateriële ervaringen - maken we onszelf tot slaaf, zegt Rumi. Dat betekent niet dat we in kleermakerszit bovenop een berg moeten gaan zitten om het leven aan ons voorbij te laten trekken. De grote paradox van de mystiek is om 'niets te doen', zoals de taoïsten zeggen, en toch het leven te proeven, in te nemen en helemaal op te drinken. Want anders, aldus Rumi in de moderne hertaling van Coleman Barks, 'leef je jouw waarheid niet'.
      De yogaconcerten zijn werkcolleges in dit 'paradoxale plezier'. Elke yogahouding biedt de mogelijkheid om tot de kern te komen: te zien dat je aanwezig bent in alles wat je doet, dat die aanwezigheid of 'bewust zijn' het enige is dat er altijd is - dat je die ruimte bent. En elke houding doet iets met je, nodigt uit (of soms: dwingt) om concreet te voelen wat er is, wat je zintuigen en lichaam te vertellen hebben, en om de energie daarvan te voelen, door de weerstand heen in overgave te komen - om jouw waarheid helemaal te leven.
      Van het yogaconcert met dit thema heb ik deze video gemaakt: een ode aan Rumi, aan mijn muzikale vrienden Couple Positive en de bloeiende natuur van het Amstelpark.

Gedicht: Rumi
Hertaling Engelse versie: Coleman Barks
Vertaling: André Meeusen & Aleid Swierenga
Foto: Moira van Damme

Het werk dat ik doe

Opmerkelijk aan de Amerikaanse dichteres Mary Oliver (1935-2019) is dat zij populair is onder een breed, spiritueel geëngageerd publiek en ook goed ligt bij het literaire establishment. Haar dichtbundels werden in Amerika 'best selling' - volgens de New York Times is ze zelfs met afstand de meest verkochte dichter van Amerika - en ze ontving tijdens haar carrière een grote diversiteit aan onderscheidingen: de Goodreads Choice Award (gebaseerd op lezersstemmen), de National Book Award (een prijs van boekhandelaren) en de Pulitzer Prize (een prestigieuze juryprijs). Meer informatie en al haar publicaties zijn te vinden op de officiële website maryoliver.com, die zorg draagt voor haar nalatenschap.
     Mary Olivers poëzie is verraderlijk toegankelijk, want elke regel is begrijpelijk en toch raakt ieder gedicht aan het mysterie van het leven. In Boodschapper (hierboven in mijn vertaling) schrijft ze over haar werk, maar dat blijkt niet poëzie schrijven te zijn: haar werk is 'de wereld liefhebben'.
      Dat is precies hoe ik het organiseren van de yogaconcerten ben gaan opvatten. Het gaat niet om de behaalde resultaten, het aantal bezoekers of de financiële opbrengst. Wat er toe doet, is dat ik hou van wat ik doe. En ieder yogaconcert is een oefening in aandacht, in 'stilstaan en leren je te verbazen'. Onze 'lichaam-kleren' maken van elke houding een ontdekkingsreis.
      Dankbaar zijn voor wat het leven geeft, betekent niet elk moment van de dag vrolijk en blij zijn - het leven kent nu eenmaal getijden. Daarom droeg ik aan het einde van het yogaconcert met harpiste en zangeres Fralalai nog een gedicht van Mary Oliver voor, dat onder dit blog staat. Het gaat over de zee, met haar eb en vloed, die de ongelukkige wandelaar terecht wijst: 'ik heb werk te doen'.
      Het is interessant om beide gedichten in samenhang te zien. De zee doet haar werk door de zee te zijn, de golven uit te rollen en terug te nemen. Zo deed ik mijn werk door toiletten te poetsen, Btw te administreren en te bedenken hoe ik 'equal seekers of sweetness' vertaal. We bewegen allemaal op de getijden van ons gemoed, onze gedachten en gevoelens, en intussen nemen we onze plaats op deze wereld in, leven we dit wonderlijke bestaan. Het gaat niet om ons gemoed, om wat we doen, het zit hem erin dat we die plaats innemen, dat we alles ontvangen dat het leven geeft. Dat is het werk dat we te doen hebben. Het is verraderlijk gemakkelijk. We hoeven 'alleen maar' stil te staan en ons te verbazen.

Gedicht: Mary Oliver
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Aanrollen of terugbewegen

De poëzie van Mary Oliver is verraderlijk toegankelijk, schreef ik hierboven al. In veel van haar werk is de paradox zichtbaar tussen het nonduale en het duale, de leegte en de volheid, het stille 'zijn' van de zee en het steeds in beweging zijn, af- en aanrollen en weer terugbewegen.

Gedicht: Mary Oliver
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Rumi: een geheim te open en bloot

Het kon niet anders dan dat ik Rumi's Lied van het Riet, de openingsregels van zijn magnum opus de Masnawi, zou gebruiken voor het eerste yogaconcert met Sinan Arat, wiens muziek de fluisteringen van het riet belichaamt. Niet alleen bespeelt Sinan de ney, de klassieke rietfluit en Rumi's favoriete instrument, hij komt ook uit Turkije, het land waar de oude dichter het grootste deel van zijn leven woonde en waar hij bekend staat als 'mevlana': leraar. Dit gedicht is een hertaling van de oorspronkelijke verzen, waarbij gebruik is gemaakt van verschillende Engelse en Nederlandse bronnen, in het bijzonder de Engelse vertaling van de Masnawi (I:1-18) van Nicholson en de Nederlandse vertaling van Abdulwahid van Bommel, met Coleman Barks hertaling in The essential Rumi (p. 17) als inspiratiebron.

Gedicht: Jalal al-Din 'Mevlana' Rumi
Hertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

De hele wereld danst

De hele wereld danst Sama betekent luisteren, niet alleen met je oren, maar met je hele wezen: dansen is een manier om naar muziek te luisteren, en zingen en muziek maken een manier om stilte te horen. De titel van het gedicht van Elias Amidon - dat ik afgelopen maand voordroeg tijdens het prachtige yogaconcert met fluitspeler Kees van Boxtel - is een knipoog naar de Sama, de ceremonie van de sufi's, waarin zij dansen, zingen en mediteren om het leven te prijzen. De compositie die het leven elk moment improviseert, is het onderwerp van het gedicht. Wat ik hier 'het leven' noem, noemen sufi's God, anderen noemen het bewustzijn, de Tao of Zelf. De mystieke tradities van alle religies hebben hun eigen manier om woorden te geven aan een mysterie dat niet te zeggen is.
      Eigenlijk zijn de yogaconcerten ook een soort sama. De yogahoudingen helpen om naar binnen te keren, te verstillen, om beter te luisteren naar de muziek van het leven. Op deze plek is geen reden tot haast, zoals het gedicht zegt, alleen maar dit lied te horen, dat is genoeg.

Gedicht: Elias Amidon
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Hoe een boormachine inspireerde tot een gedicht

Wanneer ik vertrek vanuit het plezier, komt de inspiratie vanzelf. Zo werd ik op een ochtend wakker met de gedachte aan een gedicht, dat ik wilde maken voor het yogaconcert met Ernst Reijseger. Deze cellist kan van alles muziek maken, mijn plannetje was om daar over te schrijven. Ongeveer zoals mijn favoriete meditatie toen ik drie maanden in India was, waarbij ik alle zintuigelijke waarnemingen in me opnam als noten in een muziekstuk. Zo wandelde ik door New Delhi evengoed als door de bergen bij Rishikesh. Alles is muziek, zo zou de titel van het gedicht gaan heten.
      Vanuit mijn bed luisterde ik naar de straatgeluiden. Het was nog vroeg, maar een paar huizen verder was iemand aan het boren. Het geluid kwam binnen, en ik merkte iets wat in de yogaconcerten heel belangrijk is: we voelen muziek met ons lichaam. Het was alsof ik de cello van Ernst hoorde. Ik pakte mijn notitieblokje en begon te schrijven. Even later zette ik muziek uit Cave of forgotten dreams op (what's in a name), en ging heen en weer tussen wat ik in mijn lijf voelde en mijn gekrabbel op papier. Zo ontstond een gedicht over een heel ander onderwerp, want wat gebeurt er wanneer we geraakt worden door muziek? Ons lichaam lijkt wel een pakhuis, waarin allerlei emotionele herinneringen liggen opgeslagen, en als de ramen open staan, dan gaat het schuiven, bewegen en komt tot leven.
      Dat is precies zo'n motief in het hart van Song of Yoga: de houdingen van yin yoga werken in op de bindweefsels, we komen 'in ons lijf', wat soms confronterend is en weerstand oproept, dat zie ik vanuit mijn plek bij veel mensen gebeuren, en de muziek werkt daar op in, er wordt iets wakker gemaakt en we resoneren met iets dat het verstand alleen maar kan typeren als 'klanken op verschillende frequenties'. Het is magie.

Gedicht: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Het gedicht wordt door een fout niet afgebeeld. Due to an error, the poem is not visible.



Mijn toevlucht vind ik in de bergen

Op 20 januari was Didge Jerome (Jeroen van der Sluis) met zijn didgeridoo te gast in de Jungle voor een aardse Song of Yoga. Daar paste dit gedicht van Nancy Wood goed bij. Zo krijgt elk yogaconcert zijn eigen kleur, door het thema, de muzikant en de poëzie.

Nancy Wood is een Amerikaanse schrijver en fotografe, die dichtbundels, romans en kinderboeken schreef die doordrongen zijn van haar thuisgrond, het Amerikaanse Zuidwesten. De wilde bergen en inheemse Amerikaanse spiritualiteit inspireerden haar levensvisie en poëzie. Haar bekendste dichtbundel, Many Winters, verkocht wereldwijd meer dan 200,000 exemplaren. Een aantal van haar gedichten kregen een plek in de Unitarian Universalist hymnal.

Zie nancywood.com, een website fraai onderhouden door het Nancy Wood Literary Trust-fonds, voor meer informatie en poëzie van Nancy Wood.

Gedicht: Nancy Wood
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Nancy Wood © Nancy Wood Literary Trust

Mijn poëziedebuut: breng mijn kleuren aan het licht

In december maakte ik met Marynka achter de piano mijn heuse poëziedebuut. Op deze plek dobbert het gedicht nog wat verder de wijde wereld in. Alles dat ik er over kan zeggen, staat er uiteraard al in.

Gedicht: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Het gedicht wordt door een fout niet afgebeeld. Due to an error, the poem is not visible.



Noem me bij mijn ware namen

Ik kom aan in elk moment. Dat was de sleutelzin van het gedicht van Thich Nhat Hanh, waar ik mijn yogales van afgelopen zaterdag omheen had gebouwd. Een wijze les, die ik me de hele week kon voorhouden. Tijdens het maken van mijn website kwam ik elke dag een nieuw probleem tegen, waarvan ik niet wist of ik het zou kunnen oplossen. Het voelde alsof ik een boek in het Russisch aan het schrijven was. En als een klein wonder dat het gelukt is.
      Op zaterdagochtend ging ik vroeg op pad, omdat de vorige avond in de Jungle een studentenfeest was geweest. Van de Ecstatic Dance op zondagochtend weet ik dat het dan een flinke bende is. Bij de Jungle bleek dat ik in de haast niet de goede sleutels had meegenomen. Dus ik ging op mijn fietsje terug naar huis. Inmiddels bezweet, kon ik de sleutels nergens vinden, niet op hun vaste plek, niet op andere mogelijke plekken. Tot ik ze na lang zoeken vond in mijn jas… Via een gaatje in de jaszak waren ze in de voering terechtgekomen, om zich in een hoekje te verstoppen. Weer op de fiets bleef ik mezelf voorhouden dat alles zijn tijd heeft, dat we de zaal nog steeds voor kwart voor elf schoon konden krijgen. Ook toen het stoplicht op rood ging, op een plein waar het altijd een tijdje duurt voordat het weer op groen springt...
      Ik dacht aan het gedicht en hoe ik dat ook op dit moment kon toepassen. Daar op het verkeersplein, waar de zon lachend stond toe te kijken. Hij hing nog laag, net boven de daken uit, niet zo sterk nog maar ook niet zacht, een felwitte schittering tussen de huizen door. Het is zo eenvoudig. Ik kom aan in elk moment.

Opgeruimd fietste ik weer verder. In de Jungle was het inderdaad een bende, met als hoogtepunt de bakjes waar de toiletborstels in staan: allemaal tot de rand gevuld, met als basiskleuren geel en bruin.
      Precies om kwart voor elf had ik met vuurvreters Sebas en Lianne de ruimte schoon en klaar. Francesca (artiestennaam Fralalai) had haar harp inmiddels geïnstalleerd en het publiek begon binnen te druppelen. Even later kon de les beginnen. We kwamen aan in dit moment.
      Dat is een stuk makkelijker als Fralalai begint te zingen. Ik geniet net zo van haar spel als de deelnemers, maar toch had niets me voorbereid op de overweldigende reacties die na afloop over elkaar heen buitelden. Dit was veel meer dan een yogales, zei men, het was een ceremonie, een reis, waarbij de muziek, de poëzie en de yogahoudingen je aan het eind ergens anders hebben gebracht dan je aan het begin was. Juist door in elk moment opnieuw aan te komen, opent zich een plek die het verstand alleen kan begrijpen door er, over de tijd heen, een verhaal, een reis van te maken.

Gedicht: Thich Nhat Hanh
Vertaling: Andrè Meeusen
Foto: Moira van Damme

Een vurig gewenst lied

Dit gedicht dwarrelde door mijn hoofd toen ik de naam Song of Yoga bedacht. Ik heb meteen een vertaling gemaakt van de bewerking van Coleman Barks, die de gedichten van Rumi in het Engels hertaalde in een vrije versvorm, waarmee de oude sufi volgens zeggen de meest gelezen dichter van Amerika werd. Met Aleid heb ik het gedicht afgemaakt op een van onze poëziedagen.

Hertaling (Engels): Coleman Barks
Vertaling (Nederlands): Andrè Meeusen & Aleid Swierenga
Foto: Moira van Damme

Elke noot

Ondanks het daverende succes van de hertalingen van Coleman Barks - vrijwel alle quotes die op internet rondslingeren zijn regels uit zijn werk - is er ook kritiek, vanwege de vrijheid waarmee hij de poëzie van Rumi een eigen (moderne) vorm geeft. Hij zou nauwelijks iets heel laten van de oorspronkelijke tekst. Toen ik me erin ging verdiepen, viel dit me erg mee. Barks verwijst zorgvuldig naar de Engelse (doorgaans behoorlijk letterlijke) vertalingen, zodat iedereen kan controleren wat hij gedaan heeft. Deze oude Engelse teksten lezen als een uitleg waarbij de poëzie verloren ging. Barks gaat er soms mee aan de haal, maar tot mijn verrassing waren veel van de mooie beelden die hij gebruikt echt van Rumi. De hertalingen van Barks brachten de poëzie terug, de krachtige beelden en muzikaliteit die Rumi's werk kenmerken en maken dat zijn gedichten negen eeuwen later nog steeds levendig en nabij voelen.

Voor dit gedicht heb ik geen vergelijkingsmateriaal, omdat Barks verwijst naar bronnen die ik nergens in tweedehands zaakjes en online boekenplatforms heb kunnen vinden. Een aantal frasen lijken me afkomstig van Barks, maar enkele andere zijn typisch Rumi, zoals het beeld van God die de rietfluitwereld in zijn hand houdt en het idee dat momenten in ons leven zijn als een noot.

Hertaling (Engels): Coleman Barks
Vertaling (Nederlands): Andrè Meeusen & Aleid Swierenga
Foto: Moira van Damme